Maagpatiëntje

Maagpatiëntje

Ik lig op mijn zij op het veel te kleine bedje. Tenminste, vanuit mijn Hollandse reuzenogen gezien dan, want voor de gemiddelde Spanjaard met lilliputterpostuur is het bed redelijk ruim te noemen.

De vrouwelijke dokter legt mij in veel te rap Spaans met een verschrikkelijk accent uit wat ik mag verwachten. Ik heb na een halve minuut reeds opgegeven haar proberen te verstaan, laat staan begrijpen en besluit alles maar gewoon te laten gebeuren. Aan het eind begrijp ik dat zij mij vraagt of ik het begrepen heb en knik ik dapper ‘Ja’, om maar te zorgen dat zij zo snel mogelijk begint en ik dus ook weer zo snel mogelijk buiten sta. Vanuit het niets pakt ze nu een spray en spuit het smerig smakende goedje mijn keel in. “Dit kan vies smaken hoor”, zegt ze na het spuiten. “Zeg troela”, denk ik, “zeg dat in het vervolg even voor je die bus leegspuit in mijn keelgat.” Nog geen 5 seconden later merk ik dat mijn keel gevoelloos geworden is.

Pittig Jan Nicolas

Ik krijg een bekklem in mijn mond maar daarin een groot gat. Deze wordt met een elastische band veel te strak om mijn hoofd gebonden, zodat ik daar lig als Hannibal Lecter in zijn beste dagen en praten onmogelijk wordt. Op de ‘O’ klank na dan. Vervolgens voel ik twee handen van een verpleegster op mijn rug, die mij zachtjes fluisterend toespreekt en op mijn gemak probeert te stellen, onderwijl mijn rug strelend. Ik was reeds op mijn gemak, heel erg op mijn gemak zelfs, maar door al dat zenuwachtige gefluister en de klem in mijn mond krijg ik het ineens Spaans benauwd, wat op zich weer logisch is als je in een Spaans ziekenhuis ligt.

De dokter schuift nu, voor ik een protest kan murmelen, een lange zwarte slang in mijn keel en vraagt mij te slikken. Braaf doe ik wat zij vraagt en blijf, na de eerste slik, voortdurend door slikken, wat dus ook weer niet helemaal de bedoeling is. Maar probeer maar eens niet te slikken als er iets in je keel zit. Gedurende iets dat voelt als een uur, maar in werkelijkheid slechts 5 minuten bedraagt, lig ik met chronische braakneigingen te wachten op het verlossende moment dat de slang weer via mijn keel naar buiten wordt getrokken. Dat moment komt zodra de ‘streelverpleegster’ de bekklem losmaakt en de slang nog geen twee tellen later letterlijk door mij wordt uitgekotst. Maar dat schijnt, volgens de dokter, een normale reactie te zijn op het minuten lang strelen van mijn huig.

Als ze klaar is mag ik opstaan en vertrekken. Ik blijf echter nog even op het randje van het bed zitten om een beetje tot mijzelf te kunnen komen. De vriendelijke verpleegster geeft mij een doekje zodat ik de laatste restje van mijn maaginhoud uit mijn mondhoeken kan wegvegen. “Dapper hoor van u dat u de gastroscopie uit heeft laten voeren zonder narcose”, zegt ze daarbij terloops. “Dat doet eigenlijk niemand meer.”

Ik kijk haar even aan en hoor mijn arts het nog heel duidelijk zeggen: “Onder narcose? Welnee, dat doet eigenlijk niemand meer.” Ik besluit op dat moment dat ik mijn arts levend ga villen. Met een bot mes. En daarna ga vierendelen. Dat doet ook eigenlijk niemand meer.

Jan Nicolas

error: Copyright Jan Nicolas. Alle rechten voorbehouden.