Heksje Kierewiet · Deel 2

Heksje Kierewiet · Deel 2

(Een modern sprookje)

Er waren er altijd wel een paar die niet luisterden naar hun ouders en die op eigen houtje het bos introkken. De ergste gingen van de paden af en verdwaalden. En die waren het lekkerst, wist Wietje uit ervaring. Want de angst maakte hun vlees sappig. Vandaag was zo’n dag dat Wietje honger had als een reus. Ze trok haar heksenlaarzen aan, van die hoge met veters, stapte op haar bezem en ging op kinderjacht. Ze vloog en vloog tot ze in de verte een kindje hoorde huilen. Wietje daalde af, verstopte haar heksenbezem achter een dikke boom en ging op zoek naar het huilende kindje. Als snel zag ze hem zitten. “Mooi,” dacht ze, “het is een lekkere vette.”

De koningsdochter

Ze ging naar het jongetje toe en zei dat hij niet meer hoefde te huilen. Zij zou hem wel helpen om terug thuis te komen. Het jongetje, dat Tim heette, droogde zijn tranen en keek Wietje dankbaar aan. Hij was wel een beetje bang voor de heks, want Wietje was nou niet direct moeders mooiste. Maar hij was banger om alleen te blijven. Dus pakte hij snel haar uitgestoken hand en dwong zichzelf om niet naar de lange vuile nagels te kijken. “Misschien heeft ze wel in de tuin gewerkt,” dacht hij. “Mama heeft dan ook altijd van die vieze handen.”

Wietje liep met Tim naar de plek waar ze haar bezem had laten staan. Dat vond Tim wel spannend, een echte vliegende bezem. Omdat zowel Heksje Wietje als Tim niet tot de meest lichte behoorden, had het bezempje wat moeite om van de grond te komen. Maar uiteindelijk kwamen ze een paar meter los en gingen ze op weg naar het smerige heksenhuisje van Heksje Wietje. Bij het huisje aangekomen duwde Wietje de kleine Tim snel naar binnen toe en deed de deur op slot. Toen ze Tim een beetje verbaasd zag kijken, zei ze snel dat de deur op slot moest omdat anders de kat weg zou lopen.”

“In werkelijkheid wilde ze natuurlijk voorkomen dat Tim de benen zou nemen. Ze pakte een stoel voor Tim, waar ze een dikke laag stof van af blies, en gaf hem een toverdrankje, zodat hij snel in slaap zou vallen. Tim had een enorme dorst en dronk het wat vreemd smakende drankje gretig op. Al snel voelde hij zijn ogen zwaar worden en viel hij in een diepe slaap. De heks hoorde hem snurken en begon de bouillon, waarin ze Tim zou gaar koken, op smaak te brengen in haar grote zwarte ketel. Ze stookte het vuur hoog op, want Wietje had een schreeuwhonger en die moest snel gestild worden. Ze ging naar Tim en trok hem al zijn kleren uit. Die zouden de smaak toch alleen maar verpesten, wist ze. Vervolgens pakte ze een groot scheermes en scheerde zijn hele kop kaal. Anders had ze straks steeds haartjes in haar mond en dat vond ze smerig. Toen Tim gereed was, pakte ze hem op en propte hem in de ketel met kokende bouillon. “Oh ja, dit gaat heerlijk worden,” lachte ze met de meest gemene lach die ooit in het bos geklonken had.”

Meneer Nicolas stopte even met vertellen, want hij had van al dat praten dorst gekregen. Hij ging naar de keuken en maakte een tweede bakje koffie voor zichzelf en een bakje met water voor Kobus. Die zag hem aankomen en was vol spanning naar het vervolg van het verhaal. Hij was ook best een beetje trots op zijn baasje. Tenslotte kunnen niet veel mensen zeggen dat heksen tot hun persoonlijke kennissenkring behoren. Meneer Nicolas gaf Kobus zijn water en ging weer zitten. Hij nam net een slokje van zijn koffie toen er hard op de deur werd geklopt. Meneer Nicolas stond mopperend op, want hij vond het nooit leuk om midden in een goed verhaal gestoord te worden. Wordt vervolgd…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

error: Copyright Jan Nicolas. Alle rechten voorbehouden.