Balkontieten

Balkontieten

Ik kijk wat omhoog naar de oude geveltjes in mijn dorpje Benissa en zie een onweerstaanbaar mooie vrouw over haar balkonnetje hangen. Tenminste, zij staat op het balkon, haar balkontieten hangen er over.

Balkontieten, van die siliconenborsten die aan de onderzijde kunstmatig zijn opgeduwd en aan de bovenzijde worden geschoord door een tweetal zwarte bandjes die vanwege de totale omvang pas in de buurt van haar schouders haar donkere vel raken. Het omhullende rood, geel, zwarte truitje is laag uitgesneden. Zelfs zo laag dat het geheel vrij bakt in de warme Spaanse lentezon die rond het middaguur een klein hoekje van het gezellige dorpspleintje heeft veroverd.

Pittig Jan Nicolas

De ‘Plaza la Iglesia’. Het heet niet officieel zo, maar met een voor dit dorp veel te grote kathedraal pontificaal aan het plein gesitueerd, weet iedereen wel meteen wat je bedoelt. Het is een mooi plein, met een fraaie fontein, die omringt is door palmbomen en ander groen spul. Buiten de uit de toon vallende parkeerplaats, is dit plein met mooie tegels geplaveid en wordt het omzoomd door niet al te hoge woonblokken met vrolijke balkonnetjes, sommige met van die typisch houten luiken en gemodelleerde roestige hekjes.

Het is feest in mijn dorpje en als het hier feest is, staan er steevast wat kraampjes op het plein. Drommen weekendtoeristen en andere ongenode gasten verdringen zich tijdens deze eerste echte lentedag aan de kraampjes die links en rechts zijn weggezet. Op de ‘Plaza’ staan wat ‘populaire’ bio-kramen geparkeerd van waarachter een contingent vrije sandaaldragers allerlei bio-rotzooi aan de goedgelovige passant proberen te slijten. Een ander gedeelte van het idyllische pleintje is bestemd voor de terrasjes-horeca. Vandaar dat ik daar op een gietijzeren stoeltje, waarvan het reliëf binnen no-time in mijn reet staat getatoeëerd, zit te genieten van een glas rode jerrycan-wijn en het fraaie wezen op het balkon schuin tegenover mij.

Ze heeft wel iets prettigs over zich. Zoals ze kijkt. Ze leunt met haar elleboog op een klein tafeltje en haar hoofd rust scheef op haar hand, die haar gitzwarte losse haar wat opduwt. Met haar vrije hand poetst ze dromerig over het beeldschermpje van een telefoon die samen met een pakje sigaretten en een aansteker vóór haar op het tafeltje ligt. Met haar mooi gevormde lippen zuigt ze aan een rood rietje wat uit een vol glaasje knalgele drank steekt en kijkt daarbij met van die mooie, zwartomrande en alles doordringende ogen schuin in mijn richting en wel op een dusdanig zwoele manier, dat deze zonovergoten dag warmer lijkt dan hij eigenlijk al is.

Ik nip een beetje verlegen aan mijn wijn en probeer mijn aandacht op een toerist te richten die bezig is met de aanschaf van een onzinnig stuk bijenzeep waar waarschijnlijk nooit een bij aan te pas is gekomen. Maar steeds schuift mijn vizier vanuit een zelfsturende regie richting balkonscène. Ik voel me wat onrustig worden en nip twee, drie keer achter elkaar aan de wijn. Zij zuigt, maar het gele niveau daalt niet echt. Ondertussen blijft ze over het schermpje aaien en mij steeds even onverwachts aankijken. Ik tover mijn meest verleidelijke glimlach te voorschijn, maar ben net te traag. Ik wacht gespannen op de volgende blik van boven het balkon maar tevergeefs. Ze richt zich op, kijkt vluchtig op haar horloge en drinkt, ingegeven door het misschien wel verrassende tijdstip, het gele vocht nu zonder rietje in drie slokken op.

Ze schuift haar stoel naar achteren, steekt snel een sigaret op, pakt haar tasje en haar telefoon die net op dat moment een zwoel Spaans melodietje ten gehore brengt. Ze kijkt intuïtief op het schermpje en neemt dan op. “Hola Mama, si Mama, momento… Ramón… aquí tu madre!” (Ramón, je moeder aan de lijn). Een zware door drank en Ducados sigaretten aangetaste mannenstem dreunt vanachter mij als een dragonder over het plein en weerkaatst tegen de eeuwenoude muren. Ik schrik wakker uit mijn romantische droom en bekijk vol ongeloof het naar oud zweet stinkende ‘criatura’ wat nu in vol ornaat langs mijn tafel schuift. Hij geeft me en passant een knipoog en ik kijk mijn meest dodelijke blik terug.

Terwijl ik mijn wijn in één keer naar binnen giet en zoek naar de reden van mijn miskleun kan ik maar tot één conclusie komen; het waren hoe dan ook een paar prachtige tieten.

Jan Nicolas

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

error: Copyright Jan Nicolas. Alle rechten voorbehouden.