Sinterklaas goedheiligman

Sinterklaas goedheiligman

Binnenkort komt de man die in zijn eentje verantwoordelijk is voor mijn jeugdtrauma weer naar Nederland. Per stoomtrein naar het schijnt. Sinterklaas… alleen al als ik die naam hoor schiet de pijn van bevroren vingers weer mijn geheugen in, word ik ‘s nachts badend in het zweet wakker als ik weer eens bezocht ben door enge, met licht pedofiele gevoelens begiftigde zwarte kerels die bij mij iets met hun zak willen doen en heb ik nog steeds een onverklaarbare allergie voor witte paarden.

Sinterklaas, tot aan de Paasdagen hing ik boven het toilet door een chronische voedselvergiftiging die ik had opgelopen door het grazen van pepernoten van de vloer van de plaatselijke gymzaal, waar niet lang daarvoor eerst nog een kudde met voedschimmel voorziene dorpsgenootjes op hun blote poten overheen hadden gejakkerd. Sinterklaas, die mij altijd op schoot wilde hebben, en hoe ouder ik werd hoe langer ik moest blijven zitten. Terwijl hij dromerig voor zich uit zat te staren luisterde hij dan naar wat ik hem te vertellen had, waarbij het mij opviel dat als ik wat zenuwachtig heen en weer wiebelde op zijn goedheilige schoot, ik een tweede staf voelde groeien, waardoor ik lang heb gedacht dat hij beter kon goochelen dan de hele familie Kázan bij elkaar.

Pittig Jan Nicolas

Sinterklaas, die qua stem verdacht veel leek op mijn hitsige ome Karel, die altijd vreemd naar mijn broertje en mij zat te kijken als wij zomers in korte broek buiten speelden. Tot ik een jaar of zestien was, zijn loense geloer kotsbeu was en hem vanuit het niets zo’n enorme hengst voor zijn hersens heb gegeven dat hij twee maanden niet meer normaal kon lullen. Sinterklaas, met naast zich steevast de hoofdpiet die, en dat vond ik altijd heel zielig, rond moest lopen met een enorme bochel, maar dan niet op zijn rug, maar aan de voorkant, ongeveer op de hoogte waar bij tante Ria haar mega grote tieten hingen. Die hoofdpiet rook, of zeg maar gerust stonk, ook net als tante Ria en had ook dezelfde rotte tanden in zijn giechel staan.

Sinterklaas, altijd kreeg ik een dropsleutelhanger in mijn schoen die, omdat mijn schoentje de hele nacht voor de kachel had gestaan, compleet zat vastgeplakt en met geen moker was los te krijgen. Met als gevolg dat ik tijdens de hele Sinterklaasperiode altijd rondliep als Lucille Werner die een pinguïn nadoet, maar dan meer alsof ik voortdurend in mijn broek had gekakt. Als je in je jeugd flink getreiterd wilt worden, moet je als kind zo gaan lopen. Succes gegarandeerd. Af en toe een flinke bloedneus ook trouwens.

Sinterklaas, van mij mogen ze die boot dan wel stoomtrein torpederen, met al die zwarte, rode, blauwe, groene en weet ik veel welke kleur ze tegenwoordig hebben, Pieten erbij. Sinterklaas, vieze ouwe rondvent met je rotgeintjes om onschuldige kindertjes onder dwang en chantage de meest vreselijke kutliedjes te laten zingen omdat “ze anders niets in hun schoen krijgen.” Sinterklaas… soms mis ik het toch wel hier in Spanje… maar slechts een beetje, een heel ietsiepietsie klein beetje…

Jan Nicolas

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

error: Copyright Jan Nicolas. Alle rechten voorbehouden.