Ode aan Chantal

Ode aan Chantal

Ik droom je, ik kus je, ik neem je sensueel, leg je teder naast me terwijl ik, wat loom, je blonde haren streel. Je huid als room, vol met lieve sproetjes, die ik zoetjes, ietwat onvroom met mijn ogen steel. Je ogen blauwer dan de blauwste zee, maken mij warm en gedwee, doen mij doorweken. Onvervulbare gevoelens die mijn hart doorsteken, brandende verlangens naar jouw lichaam, pijnlijk aangenaam, terwijl ik je niet kan zien, voelen, aanraken, of zomaar even spreken. Zachtjes strelen, horen, vasthouden, jou uit mijn droom losweken.

Brandende gevoelens, verloren uren dat je in me zit, zoals ik in jou, dat ik van je droom, aan je denk, je stil maar ongeremd aanbid. Als ik je mijn warme dromen vertel, me daarmee kinderlijk aanstel, vind je mij dan raar, te wild of impulsief, en maakt het dat je mij vergeet, waarschijnlijk definitief? Of zou je het herkennen als een behoefte die ik nooit deel, een alleen door jou te stillen honger, warm en passioneel? Liefdeskriebels die voor vlinders zorgen, diep van binnen verborgen, uren dat jij in mijn gedachten bent, die een dromerig flirtmoment waarborgen. Gevoelens die opkroppen, maken dat ik je wil strelen, me in je wil verstoppen, momenten dat ik stiekem aan je denk. Ik zou graag alles met je delen, maar ik ben bang dat ik je hart verlies, jouw gevoelens meteen bevries en ik je heel diep krenk.

De koningsdochter

Wanneer blijf je nu eens bij míj slapen, wanneer verschijn je nu eens in míjn bed? Waarschijnlijk blijft het bij warme dromen en wat onnozel sjansen, en zul je nooit bij mij komen, mijn lieve onbereikbare Chantal Janzen, inderdaad, die met die ‘Z’.

Jan Nicolas

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

error: Copyright Jan Nicolas. Alle rechten voorbehouden.