Het nieuwe normaal

Het nieuwe normaal

Ik zit in de trein en kijk naar de spaarzaam binnenstappende passagiers. Het valt mij op dat vrijwel iedereen een mondkapje draagt, hoewel ik bijna niemand met een ‘traditioneel’ gevalletje op het gelaat zie.

Creativiteit is alom aanwezig daar waar het de mondkapjes betreft. Zo zie ik een bejaarde dame met iets wat duidelijk een BH geweest is, waarbij de mond en neus, door het geluk van haar enorme voorgevel, met het grootste gemak in het ‘kapje’ passen. Sterker nog, ze zou zelfs om niets aan het toeval over te laten, haar hele hoofd erin kunnen verstoppen. Schuin tegenover mij zit een jong wicht met een driehoekvormig mondkapje in een trendy pantermotief. Als ik beter kijk blijkt het een slipje te zijn, waarbij ze de zijbandjes achter haar oren gedrapeerd heeft en de lucht filtert door het oorspronkelijk kruis. Achter haar, op iets meer dan anderhalve meter, zit een man met een duikbril die voor zijn hele gezicht zit. Boven op het geval zit een snorkel waar hij een koffiepadje op heeft geplakt dat nu dienstdoet als coronafilter. Ik vraag me onwillekeurig af of het in de duikbril naar koffie ruikt en zo ja, welke smaak.

De koningsdochter

De conducteur komt langs om de kaartjes te controleren. Ook hij laat zich van zijn meest carnavaleske kant zien en heeft gekozen voor een duplicaat van het masker dat Hannibal Lecter zo goed stond in de film ‘Silence of the lambs’, met als gevolg dat ik bijna een hartverzakking krijg als hij om mijn kaartje vraagt. Achter het masker heeft hij een stuk keukenrol gepropt, wat voor de noodzakelijke gezuiverde lucht moet zorgen. Een man met een maandverbandje op zijn mond geplakt kijkt mij aan alsof het de normaalste zaak van de wereld is. Zijn neus is vrij. Waarom hij geen bijpassende tampons in zijn neusgaten heeft gepropt is mij een raadsel. Als je het doet, doe het dan goed. Als we bij het station stoppen komt een islamitische vrouw in vol boerka-ornaat de coupe in, met onder haar kijkvenster een traditioneel mondkapje geplakt. Achter haar loopt een wat oudere man met een verbouwde geitenwollensok voor zijn mond. Ik hoop voor hem dat het ding eerst gewassen is. Naast hem loopt een al even oude vrouw die, te oordelen naar hetzelfde sokkenmasker, bij hem hoort. De man met de koffiebeker voor zijn snavel met daarin wat gaatjes en een prop papieren zakdoekjes als filter, dat met twee elastiekjes achter zijn oren vastzit, hoort volgens mij niet bij hen.

Ik heb zelf gekozen voor een Bertmasker. Ik wilde eigenlijk Ernie, maar die had mijn vrouw als snel ingepikt. De lucht filter ik door een stuk van een oud T-shirt dat voor mijn mond en neus zit. En terwijl ik door de ogen van mijn masker de overige passagiers bekijk zet de trein zich weer langzaam in beweging. Op weg naar het nieuwe normaal.

Jan Nicolas

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

error: Copyright Jan Nicolas. Alle rechten voorbehouden.