De zwerver

De zwerver

Waar komt hij vandaan? En waar gaat hij naar toe? Hij ziet er uit zoals je dat van een beetje zwerver mag verwachten. Beslist geen Swiebertje. Nee, al van grote afstand is te zien dat deze man een odeur heeft die menig vlieg doet kokhalzen. Zijn leeftijd is, door de warrige baard, met geen mogelijkheid te schatten. Zijn kleding, of wat er voor door moet gaan, hangt om zijn lijf. Met alle souvenirs van een lange voetreis erin en erop. Zijn schoeisel is omwikkeld met grijze tape. En daarna nog eens. Zijn complete wereldse bezit duwt hij voort in een winkelwagentje, welke hij geleend heeft bij een supermarkt. Naast hem loopt een hondje.

Ik mag altijd het karretje duwen als we boodschappen doen en erger mijzelf dan steevast kapot, omdat ik op de een of andere manier altijd een karretje pak met een wiebelwiel. Ik kijk naar de man en zie dat ook hij, wat dat betreft, in de prijzen is gevallen. Dus zelfs daar zit het leven hem tegen. Het linker voorwiel wiebelt dat het een lieve lust is. Ik zie de moedeloze blik in zijn ogen, maar hij gaat dapper door. Het mooie uitzicht gaat totaal aan hem voorbij. Hij kijkt met een blik die niets ziet naar de weg die voor hem ligt. Ergens daar in de verte ligt zijn doel.

De koningsdochter

Onwillekeurig vraag ik me af waarom de man tot dit bestaan is gekomen. Is de man ooit gelukkig getrouwd geweest? Kwam hij in het verleden thuis van zijn werk, welkom geheten door zijn vrouw, vrolijke kinderen en een hond, die al kwispelend om zijn aandacht vroeg? Wat voor werk zou hij gedaan hebben? Was de crisis bij hem extra hard aangekomen misschien? Koestert de man nog de gedachtes van hoe het eens was? Heeft hij nog hoop dat het ooit allemaal wel weer goed zal komen? Of denkt hij niet meer? Is zijn leven geworden tot het lopen van A naar B, gedachteloos de ene stap voor de andere zettend, hopend op wat eten en een dag zonder regen? Hopend op het vinden van een karretje dat een keer wél doet wat hij wil?

De man is dichterbij gekomen en we staan op het punt om elkaar te passeren. Ik op weg naar mijn gezin, naar mijn vrouw die het eten al klaar heeft, naar mijn kinderen die met een beetje geluk weer blij zijn dat papa thuis is. Hij op weg naar niets. Hij komt uit het noorden en gaat naar het zuiden. Misschien op weg naar een supermarkt om een beter karretje te zoeken, op weg naar het geluk van een karretje zonder wiebelwiel.

Jan Nicolas

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

error: Copyright Jan Nicolas. Alle rechten voorbehouden.