De wedstrijd

De wedstrijd

“U moet maar eens gaan zwemmen” gaf mijn huisarts mij als advies mee bij mijn laatste bezoek aan haar. Dat klinkt heel verfrissend in een bloedhete Spaanse zomer, maar in de reeds frisse winter is dat toch een wat minder aantrekkelijke gedachte. Ik bedoel, onlangs even uit nieuwsgierigheid gekeken wat het zwembadwater deed en dat kwam met moeite op 10 graden. Maar een beetje Jan is niet voor één gat te vangen, dus maar eens een poging gewaagd in het gemeentelijke overdekte zwembad.

Ik ga expres vroeg in de ochtend, zodat ik het hele zwembad, helaas voor een korte periode, helemaal voor mezelf alleen heb. Na een kwartiertje de snelste in het bad te zijn, hoor ik een plons en zie ik niet veel later het hoofd omhoog komen van een oud baasje van een jaartje of 80. Tenminste, te oordelen naar het zwaar gerimpelde hoofd dat als een boei een beetje op en neer beweegt. Het baasje blijft een beetje hangen in het water, waardoor ik het vermoeden heb dat zijn incontinentie spontaan opspeelt door de schok van het wat frisse water.

Pittig Jan Nicolas

Na een minuut of wat gaat meneer van verticaal naar horizontaal en begint ook hij aan het trekken van wat baantjes. Het gaat in een tempo dat ik had ingeschat gezien zijn leeftijd. Om hem geen minderwaardigheidscomplex te bezorgen, zwem ik heel rustig mijn baantjes en ga ik nog net niet achteruit. Het blijkt echter dat de man slechts bezig was aan een opwarming, want al snel gaat zijn tempo omhoog. Tot mijn verbazing dusdanig omhoog dat hij mij vrolijk voorbij komt zetten. In mijn trots gekrenkt zet ik mijn turbo aan, wat meteen resulteert in een niet geringe tempoversnelling van de overbejaarde man voor mij. Nog harder zwem ik en nog veel harder zwemt het mannetje. Heel veel harder.

Stiekem verdenk ik hem van een ‘Fabian Cancellaraatje’ en verwacht ik een klein motortje aan zijn enkels aan te treffen als hij het water straks weer verlaat. Na enkele minuten in een achtervolging die uitmondt in een verdubbeling voel ik kramp opkomen in al mijn spieren en moet ik noodgedwongen de wedstrijd staken. En dat terwijl ik net begon in te lopen. Ik weet half verzuipend de kant te bereiken en ga daar even rustig uithangen, op een manier waardoor het lijkt alsof dit reeds lang mijn bedoeling was. De belegen ‘Johnny Weissmüller’ besluit na een half uur ook dat het genoeg is en beweegt met een paar krachtige slagen naar het trapje.

Daar trekt hij zich in één soepele beweging uit het bad en gaat behendig op zijn ene been staan, om vervolgens zijn kunstbeen, dat daar uit mijn zicht lag, weer handig aan zijn stomp te bevestigen.

Jan Nicolas

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

error: Copyright Jan Nicolas. Alle rechten voorbehouden.