De Corona Quarantaine · Dag 5

De Corona Quarantaine · Dag 5

Het is vrijdag, 20 maart 2020. Al weer een dag zonder noemenswaardige bezigheden naar de klote en, jawel, bijna weekend. Kunnen we weer wat leuks gaan doen met het gezin. Ik twijfel nog of we een excursie naar de keuken zullen maken, of toch maar gaan picknicken op het terras. Naar dat laatste gaat mijn voorkeur uit, maar alles hangt af van wat mijn vrouw weet te scoren bij de plaatselijke super. Ze was vandaag later dan normaal op strooptocht gegaan en dus moeten wij het doen met de restjes die door de schijnbaar uitgehongerde bevolking is achtergelaten.

“De chips was al weer op”, zegt ze bij thuiskomst. Dat is jammer, want een paar ‘chipies’ hadden vanavond zeker gesmaakt. Ze heeft nog wel een stukje kaas gevonden dat schijnbaar over het hoofd was gezien. Verder een paar banaantjes, wat mandarijnen en een zak kattengrit. Ja, bij een schreeuwend tekort aan wc-papier moet je creatief zijn, dus gaan wij, als straks het wc-papier op is, gewoon op de bak. Als ik denk aan onze gedwongen quarantaine in het Spaanse, moet ik steeds vaker aan de oorlogsverhalen van mijn grootouders denken. Zij kwamen uit Amsterdam en daar was het de laatste oorlogswinter knap lastig. Hoewel hetgeen wij meemaken in de verste verten niet lijkt op wat zij hebben meegemaakt, vraag ik mij wel steeds vaker af hoe het vroeger moet zijn geweest. Maar dan meer de tijd vóór de oorlog, toen armoe in Nederland troef was onder een groot deel van de bevolking. Winkels waren leeg, de straten ook en mensen zaten van ellende binnen. Eigenlijk net als nu.

Pittig Jan Nicolas

Maar was het toen hetzelfde als nu? Of hadden zij het toen, ondanks hun ellende, beter dan wij nu? Volgens mijn oma wel in ieder geval. Niet voor niets zei mijn oma altijd; “Vroeger was alles beter”. Nou ja, altijd, ze zal het vast wel een keer gezegd hebben. Of in ieder geval gedacht. Of misschien denk ik dat haar ‘vroeger’ beter moet zijn geweest en geef ik haar gemakshalve de schuld van mijn gedachte. ‘Vroeger was alles beter’ klinkt op zich logisch, want hoe ouder je wordt, hoe meer ‘vroeger’ je hebt en hoe minder ‘morgen’. Als ik denk aan mijn vroeger, dan denk ik aan buitenspelen, met alle kinderen uit de buurt. Wij speelden verstoppertje of gingen stoepranden. Dan ging ieder aan een kant van de straat staan en probeerde je een bal op de stoeprand van de ander te gooien. Dat leverde dan een punt op. En als je het voor elkaar kreeg dat de bal terug kaatste naar jou zodat je hem kon vangen waren dat dubbele punten. En als je tijdens het buitenspelen moest pissen ging je gewoon naar huis.

Je ouders hadden vaak een touwtje door de brievenbus laten bengelen dat verbonden was met het slot van de voordeur. Op die manier kon je zonder je ouders lastig te vallen snel naar binnen. En viel je eens op je knie, dan ging je naar je moeder om een pleister, want je moeder was gewoon thuis, die ging niet werken. In mijn vroeger waren er geen mobieltjes. Het was al een Godswonder als je ouders überhaupt een telefoon hadden. Bellen gebeurde niet zelden in een telefooncel. Een telefooncel, jongens en meisjes, was een soort aquarium waar een telefoon in hing. Een groot zwart geval, met een hoorn die met een kabel, echt waar, verbonden was met het toestel. De bovenkant hield je dan tegen je oor en aan de onderkant zat het spreekgedeelte. Nadat je geld in het toestel had gegooid kon je bellen door het nummer te draaien. Met een draaischijf. En als je het nummer niet uit je hoofd wist, dan kon je dat opzoeken in een telefoonboek. Alle telefoonboeken van het hele land hingen in die telefooncel. En nee, niemand die het in zijn botte hersens haalde om die boeken in de fik te steken! Of er zelfs maar een blaadje uit te scheuren.

In mijn vroeger was de rit van Brabant, waar wij woonachtig waren, naar Amsterdam een takke eind. Een soort wereldreis in eigen land, maar dan nog veel verder. Dat was toen zóver dat wij onderweg minimaal één keer moesten stoppen om de benen te strekken. Hoewel het ook zou kunnen dat mijn ouders dat deden omdat wij met vier mini terroristjes door hen achterin een ultra smalle Renault 16 waren gepropt. Zonder gordels natuurlijk, want gordels waren voor mietjes in dure auto’s. En zonder ramen die achterin open konden. Zodat als ik weer eens moest kotsen door wagenziekte, er in de auto nog wekenlang een weeïge zure lucht bleef hangen. Geloof me, dan wil je als ouder wel even stoppen, al was het alleen maar om de auto enigszins te kunnen luchten.

In mijn vroeger kwam er ineens een Marokkaans jongetje in de klas. De meester vertelde toen over het 1001 nachtenland dat voor mijn gevoel aan de andere kant van de wereld lag. Compleet met een mooie diapresentatie, zodat iedereen een goed beeld had van dat vreemde land. Later ging ik weleens bij Mohammed thuis spelen. Ik moest dan mijn schoenen uitdoen. Daar baalde ik flink van, want op de plek van mijn grote teen zat een groot gat. Zijn moeder droeg een hoofddoek. Dat vond ik niet raar, want mijn moeder droeg ook weleens een hoofddoek. Vooral als het watergolven weer eens mislukt was. Mohammed zijn moeder is haar hoofddoek altijd blijven dragen. Mijn moeder niet meer. Maar ja, het staat ook een beetje raar, een urn met een hoofddoek.

In mijn vroeger was iedereen ook een stuk aardiger voor elkaar. Was er minder afgunst als de een wat meer had dan de ander. Was er minder egoïsme. Minder haat. Waren er ook minder zorgen, want als er iets vreselijks gebeurde in de wereld wist je dat pas de volgende week. Of nooit. Voor je gevoel had iedereen het eeuwige leven en het woord ‘zorgen’ was iets voor grote mensen. Als ik denk aan mijn vroeger dan denk ik ook weleens ‘vroeger was alles beter’. Nou ja, misschien niet alles, maar toch wel heel veel. Of misschien denk ik dat omdat ook ik steeds meer ‘vroeger’ erbij krijg en steeds een beetje minder ‘morgen’.

Ik vraag me af of mijn kinderen later hun vroeger ook beter zullen vinden. Ik denk dat het een beetje af zal hangen van de ontwikkelingen van het coronavirus. Welke kant gaat het op en hoe gaat dit eindigen? Niemand die het weet dus niemand die het kan vertellen. Vroeger was alles beter? Op dit moment eventjes wel.

Jan Nicolas

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

error: Copyright Jan Nicolas. Alle rechten voorbehouden.