Brief aan Sneeuwwitje

Brief aan Sneeuwwitje

Geachte mevrouw Witje, beste Sneeuw,

Met veel aandacht heb ik uw verhaal gelezen, waarin u beweert een korte periode te hebben doorgebracht bij 7 lilliputters, die heden ten dage liever ‘kleine mensen’ genoemd willen worden. In uw verhaal noemt u ze heel denigrerend ‘dwergen’, maar die bewoording is dan ook geheel voor uw verantwoording en rekening.

De koningsdochter

U schrijft dat u per toeval bij de woning bent aangekomen, omdat u verdwaald was nadat u gevlucht was voor uw boze stiefmoeder die u wilde laten vermoorden door een jager. Uw stiefmoeder zou, volgens uw zeggen, ook een toverspiegel hebben die kon praten. Uw stiefmoeder zou in werkelijkheid ook een boze heks zijn. Zeg eens, mevrouw Witje, gelooft u die onzin zelf? Ik heb met uw stiefmoeder gesproken en ze was bijzonder ongerust en heeft, volgens mijn mening, alleen het beste met u voor.

De waarheid is volgens haar dat u na een ruzie met uw stiefmoeder, waarin u haar fijntjes hebt laten weten dat zij maar een lelijk oud wijf was, van huis bent weggelopen, en dit was, volgens uw stiefmoeder, zeker niet de eerste keer dat dit was gebeurt. Volgens uw stiefmoeder liegt en bedriegt u, snuift u alles door uw neus dat maar enigszins de schijn heeft van wit poeder, wat uw naam ‘Sneeuwwitje’ ook meteen duidelijk maakt, en is geen man én vrouw veilig voor uw jeugdige lusten. Ik vertrouw er dan ook op dat u begrijpt dat uw opmerkingen en leugens uw verhaal er niet echt geloofwaardiger op maakt.

Ten stelligste ontkent u dat er bij de ‘dwergen’ iets anders gebeurt is dan een beetje schoonmaken, af en toe een onschuldig dansje en wellicht een iets te schuine mop bij de maaltijd. Persoonlijk zet ik een groot vraagteken bij deze bewering. Immers, u heeft reeds aangegeven dat deze ‘dwergen’ nimmer iemand anders op bezoek hebben gehad en dus voor hun seksuele lusten, die zij zeker hadden, aangewezen waren op zichzelf en eventueel elkaar. Dus, mevrouw Witje, als de boshut waar deze ‘dwergen’ verbleven geen afgelegen gayclub was, dan moeten de hormonen van deze mannetjes uit hun oren gekomen zijn, en kan ik niet anders dan geloven dat ze met zijn zevenen tegelijk u besprongen hebben op het eerste moment dat ze doorhadden dat er een vrouwelijk schepsel in hun bed lag.

Omdat u dit ten stelligste ontkent, ben ik zelfs de mening toegedaan dat u hier ten zeerste van genoten hebt en misschien zelfs deze ‘dwergen’ op het moment dat zij hun hete lusten op en in u bevredigd hadden, weer heeft aangemoedigd om toch vooral niet te stoppen. Dat dit u niet in uw koude kleren is gaan zitten, bewijst het feit dat u sindsdien in een halve coma uw roes ligt uit te slapen in een glazen kist.

Het spijt mij dan ook u te moeten mededelen dat ik de verlenging van uw contract met ons sprookjesbos bij deze wil herzien, en u dringend wil verzoeken binnen 24 uur met uw glazen kist, stukje appel en die 7 kleine hoerenlopers te verdwijnen uit ons sprookjesbos en hier nooit meer terug te komen. Uw sollicitatie als caissière is hierbij ook afgewezen, maar ik neem aan dat u dit zelf reeds begrepen heeft.

Ik wens u veel succes bij uw zoektocht naar een andere, meer passende functie.

Hoogachtend,

Jan Nicolas
Representant Efteling Sprookjesbos

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

error: Copyright Jan Nicolas. Alle rechten voorbehouden.