Antonio

Antonio

Ze komt aangescootert over de weg waar ik toevallig net op dat moment mijn dagelijkse wandeling pleeg te doen. Ze zou me normaal gesproken niet zijn opgevallen, ware het niet dat ze in de remmen knijpt en precies náást mij tot stilstand komt. Er wordt direct na de landing een crèmekleurige Ugg op het asfalt geplaatst en bewust mijn aandacht getrokken. Ze roept iets van “Hé, jij”, en ik draai me om.

Ik ontwaar een geforste dame in een tijgervel-legging met daarboven een roze t-shirt en een geblondeerde hoofdtooi. Een toevallig passerende hond met man gromt naar de tijger die blijkbaar net een prooi heeft verslonden want het vel is bollig gevuld. Ik doe nog een pasje naar voren en knik zoals je doet als je iets niet hoort. Ze herhaalt haar vraag, maar ze komt niet boven haar eigen scoorterkabaal uit. Want in Spanje is het nu eenmaal zo dat als een brommer geen lawaai maakt, hij niet lekker rijdt. En te oordelen naar de herrie die het ding maakt, moet deze verschrikkelijk lekker rijden. Ik plaats mijn hand achter mijn oorschelp ten teken dat ze nog steeds niet te verstaan is. Ze draait de sleutel om en eindelijk wordt het stil.

Comfort Villa

“Ik kon je niet verstaan”, zeg ik lachend en wijs op de scooter onder de tijger. Ze buigt zich iets naar voren en ik ontdek rond haar nek een gouden ketting met een aangeregen naam waarmee ze vermoedelijk bij de burgerlijke stand is ingeschreven. ‘Blanca’, lees ik. De letters hangen wat vermoeid naast elkaar en glijden half weg in een niet goed afgedekte en oneindig diepe borstenkloof. Ze doet haar naam overigens geen eer aan, want ze is alles behalve ‘Blanca’. Als ik kijk naar haar gebruinde huid, zou ik bijna denken dat ze de tijger persoonlijk onder de brandende Afrikaanse zon heeft omgelegd, ware het niet dat er geen tijgers leven in Afrika. Daarnaast straalt ze een ordinaire hoerigheid uit waarbij deze ‘Blanca’ waarschijnlijk ook niet als een ‘witte’ onschuld door het leven scootert.

“Ik zoek het pension”, zegt ze met een zwaar Valenciaans accent. En ik weet niet of de lezer weet hoe lastig een normaal Valenciaans accent te verstaan is, maar een zwaar Valenciaans accent is dus net zo verstaanbaar als achterstevoren gesproken Russisch.
“Het pension”, herhaal ik langzaam. “Wat voor pension?”
Ze haalt haar schouders op en kijkt mij aan alsof ik Lompe Henkie ben. “Waar je kan slapen als je geen huis hebt”, zegt ze met een diepe zucht, die duidelijk moet maken dat ik waarschijnlijk de enige op de wereld ben die haar niet meteen begrijpt.
“Je bedoelt het pension waar ze ook daklozen opvangen?”, vraag ik met een voorzichtige glimlach.
“Ja, dat zal. Ik heb hem er namelijk vannacht uitgeschopt.” Haar zwaar gewimperde oogleden trillen van nijd. Ik kijk met enig ontzag naar de Ugg.
“Oké”, zeg ik. “Ik denk dat je dan door moet rijden tot…” Ik wijs in een richting.
Ze luistert niet en ratelt gewoon door. “Ik ontdekte dat mijn Antonio lag te rotzooien met mijn nicht. Dat is zo’n geleerde studentensnol. Mariola heet ze, het kutwijf.”
Ik aarzel even of ik iets van het ‘kutwijf’ moet vinden maar besluit toch maar gewoon verder te gaan met mijn uitleg. “Dus je moet doorrijden tot aan de tweede afslag…”
Ze luistert nog steeds niet.
“Hij zei dat hij naar de opvang ging. En nu ga ik hem ophalen. Hij krijgt nog één kans.”
Ergens vanuit haar t-shirt klinkt ineens een snel aanzwellend geluid van Enrique Iglesias met zijn laatste hit. Een vette klauw graait in haar t-shirt tussen haar indrukwekkende borsten en trekt een roze telefoon tevoorschijn.
“Ja, waar ben je?”, snauwt ze in het toestel. Er volgt een moment van stilte. “Wat ?… ik heb je toch gezegd…” Haar donkerbruine kleur veranderd nu langzaam in donkerrood, wat op zich een fascinerend gezicht is. “Dus je zit bij die snol???”
Ik kijk verschrikt om mij heen, een manier zoekend om beleefd en zonder lichamelijke schade stilletjes in het niets te verdwijnen.
“Ik flikker je spullen naar buiten en over een half uur ligt de hele klerezooi op straat.”

Ze beëindigt het gesprek, steekt haar telefoon onder haar t-shirt in haar natuurlijke telefoonhouder, start de scooter, trekt de Ugg binnenboord, draait de weg op en stuift zonder iets te zeggen weg. Terwijl ik langzaam verder wandel trek ik in gedachten mijn eigen conclusie. Het moet toch wel een hele verstandige knul zijn, die Antonio…

Jan Nicolas

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *